Selecteer een pagina

Bij het ontwaken voelen we nog heel goed dat we gisteren onze afdaalspieren serieus belast hebben. Maar toch blijven we niet bij de pakken zitten en gaan we ook vandaag weer een wandeling doen. Deze keer zoeken we het niet in Serfaus, Fiss of Ladis, maar in Arzl, een dorpje aan de ingang van het Pitztal. Daar hebben ze namelijk een BO, een Bekende Oostenrijker, namelijk Benni Raich. Nu moeten we eerlijk toegeven dat we tot op heden ook nog nooit van de brave man gehoord hadden, laat staan van zijn prestaties. Maar het internet leert ons dat Benni een getalenteerd alpine-skiër is en twee gouden olympische medailles en die drie wereldtitels op zijn schouw staan heeft. In zijn thuis-dorp Arzl vonden ze dat ze de man moesten eren, en daarom hebben ze hun Pitzbachklammbrücke omgedoopt tot de Benni Raich Brücke. Deze hangbrug was een tijdlang met zijn 94 meter boven de grond de hoogste hangbrug van Europa. Ondertussen is ze al overklast door andere hangbruggen, maar het blijft de moeite om eens te bezoeken, en ’t is ook gratis 🙂

Na een beetje zoekwerk om een parkeerplaats te vinden die in de buurt van de start van onze geplande wandeling ligt, parkeren we aan de kerk. Van hier uit is het een paar honderd meter gaan voor we via een steil paadje het bos intrekken. Onze nog stramme spieren laten al meteen merken dat ze dit niet zo leuk vinden. Maar we geven niet zo maar op. Afzien hoort er ook (heel af en toe) bij.

Terwijl we een serieus stuk aan het afdalen zijn, realiseren we ons ineens dat we dezelfde hoogte straks ook in de andere richting dienen af te leggen. Gelukkig komen we straks een rustplaats tegen waar we wat kunnen eten en drinken.
De zon is ondertussen ook weer flink haar best aan het doen. Het weerbericht voorspelde nochtans niet veel goed voor vandaag, maar het tegengestelde is waar. Na een paar honderd meter dalen staan we beneden in de Arzler Pitzeklamm.

De borden aan de ingang wekken niet bepaald een gevoel van gerustheid op.

Als we beneden in de Klamm staan zien we de Benni Graich Brücke boven ons. Dat wil zeggen dat we minstens 94 naar boven moeten klauteren voor we daar zijn. Hierbij vloeien de nodige liters zweet. Maar gelukkig wacht er boven aan de brug een terrasje op ons.

We vinden van ons zelf dat we flink ons best gedaan hebben, daarom trakteren we onszelf op een lekker ijsje en een frisdrank.
Daarna is het tijd om de brug eens aan een nader onderzoek te onderwerpen.

En dan is het tijd om terug te keren naar parking aan de kerk, waar onze auto op ons wacht. Van hier aan de brug lijkt het maar een steenworp ver. En dat is het misschien ook wel, maar men werpt hier de steen niet alleen ver, maar vooral hoog.
Na een laatste stevige klim staan we terug bij ons vehikel, moe maar voldaan. We besluiten om het hier voor vandaag bij te houden. We hebben nog een ganse week.